Groen op de raad 30 maart 2026
30 Maart 2026
Hierbij onze interpellaties en vragen van de afgelopen gemeenteraad:
- Interpellatie: Pleidooi voor een virtuele cultuurtoeristische ‘herbeelding’ van de grafelijke burcht in Ieper
- Interpellatie: Visievorming op versterking van windenergie binnen de regio.
- Vraag: Welke visie ontwikkelt het bestuur omtrent de herinrichting van de Meenseweg en de omgeving Sint-Jozefschool?
- Vraag: Toekomst Stadsschouwburg: wat met inzet Proosdijzaal en Kapittelzaal?
Interpellatie: Pleidooi voor een virtuele cultuurtoeristische ‘herbeelding’ van de grafelijke burcht in Ieper
Het is precies één jaar geleden. dat de middeleeuwse, grafelijke burcht van Ieper ontdekt werd. Deze wellicht 12de eeuwse burchtsite, met mogelijks een 10de eeuws ringfort als oorsprong, speelde een hoofdrol in de ontwikkeling van onze stad. Ondanks aanvankelijke beloftes van de Vlaamse minister van erfgoed, ondanks de inspanning van velen en de duidelijke oproep van bijna 4.000 ondertekenaars binnen en buiten Ieper, om deze uitzonderlijke vondst als cutuurtoeristische topsite voor onze stad te ontsluiten, verdween de burchtsite 6 maanden later onder het zand en een stevige laag beton.
Om de diepe ontgoocheling van velen te verzachten, kwamen er snel uitspraken en beloftes over de realisatie van een digitale en interactieve belevingsmodule die een breed publiek op verrassende wijze zou onderdompelen in het verhaal van de burcht en van de middeleeuwse ontwikkeling van Ieper. Men verwees daarbij vlotjes naar voorbeelden als Historium in Brugge en het abdijmuseum Ten Duinen in Koksijde. Er zou trouwens door diverse onderzoekers heel wat voorbereidend onderzoek verricht en data verzameld zijn als voorbereiding voor een dergelijke, professionele realisatie.
Maar wat is er intussen, een jaar later, gebeurd? Tenzij er initiatieven zijn die stevig achter de schermen verborgen bleven (en dan horen we dat graag!), blijven we op onze honger en worden de beloftes niet ingevuld.
Vorige week dinsdag mochten we tijdens de startavond van toeristische seizoen 2026 vernemen dat er vanuit Yper Museum gewerkt wordt aan een nieuwe tentoonstelling “Ondersteboven van Wonderland”, over de vele archeologische vondsten en onderzoeken naar het middeleeuwse Ieper. We hoorden er echter niets over initiatieven die onze grafelijke burcht terug in beeld zouden brengen.
Nochtans: recent werd door het toeristische bedrijf Westtoer een projectoproep gelanceerd, voorzien van bijna een miljoen euro subsidie door het Vlaamse Gewest, dat een volwaardig initiatief omtrent de burcht van Ieper zou kunnen ondersteunen, met name het project ‘MONUMENTS & MOMENTS, Spraakmakende Expo's en Events'. Als doel van de oproep stelt Westtoer voorop om belangrijke monumenten met een internationale aantrekkingskracht in de Westhoek voor een ruim publiek en op een kwaliteitsvolle en eigentijdse manier betekenisvol te ontsluiten, in samenwerking met de partners uit de regio”. Westtoer mikt hierbij op de periode juni 2027 tot november 2028.
Mijn voorstel is dan ook zeer logisch: alsjeblieft stadsbestuur, reageer positief en neem dit aanbod op. Laat de betrokken diensten als Yper Museum en de dienst Toerisme toe om initiatief te nemen, liefst in samenwerking met de lokale verenigingen en kenners die de enorme geschiedenis van onze stad in het hart dragen. Laat ons creatief nadenken over hoe er via deze oproep kan gewerkt worden om onze verdwenen burcht en haar geschiedenis, bijvoorbeeld via digitale en virtuele verbeelding, terug boven te halen en een ruim publiek te verbazen over het ontstaan van Ieper. Zoals indertijd toch duidelijk en bijna letterlijk beloofd werd.
Bovendien zou dergelijk initiatief als vernieuwend centraal thema perfect kunnen ingepast worden binnen om het 10-jarige jubileum van Yper Museum in 2028: “De herbeelding van de Grafelijke Burcht van Ieper”, het zou een titel kunnen zijn waar het in 2028 10-jarige museum mee kan uitpakken.
Interpellatie: Visievorming op versterking van windenergie binnen de regio.
De huidige energiecrisis, waarvan we het einde nog niet in zicht hebben, maakt ons opnieuw pijnlijk duidelijk hoezeer wij in ons dagelijks leven afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen, zoals aardolie, aardgas en steenkool. Onze maatschappelijke kwetsbaarheid en afhankelijkheid tegenover de grote geopolitieke en economische machten en hun conflicten voelen we allemaal in onze portemonnee.
Daardoor komt het thema van hernieuwbare, niet-vervuilende en vooral onafhankelijke energieproductie eindelijk weer hoog op de politieke agenda.
Iedereen die zich om de voortschrijdende klimaatcrisis bekommert, wist al lang voor deze nieuwe crisis dat enkel een systematische toename van hernieuwbare energiebronnen een oplossing kan bieden. Naast zonnepanelen zullen er vooral méér windturbines met hoog rendement noodzakelijk zijn om de klimaatscrisis, ook lokaal, aan te pakken en het gebruik van fossiele brandstoffen systematisch af te bouwen.
De plaatsing van de grote windturbines zal natuurlijk altijd een opvallende ingreep blijven binnen het landschap. Daarom adviseerde de milieuraad in 2023 om een zogenaamd ‘windpark’ af te bakenen in het noordoosten van de stad, waar nieuwe turbines zo optimaal mogelijk ‘gebundeld’ kunnen worden, in aansluiting op de 9 bestaande windmolens.
De logische vervanging met repowering van deze 9 Ieperse turbines zou een theoretische winst opleveren van ongeveer 20 megawattuur (MWh): nu produceren de 9 oudere turbines samen 18 MWh, na vervanging door 4 tot 5 nieuwe en hoogwaardige turbines zou samen 30 tot 37,5 MWh (7,5 MWh per turbo) geproduceerd worden. Binnen Ieper hebben we echter, afhankelijk van de toenemende behoeftes vanwege de elektrificatie van mobiliteit en verwarming, minstens een tiental hoogwaardige turbines nodig om tegen 2050 klimaatneutraal te worden. Feit is dat we het nooit halen zonder vestiging van nieuwe windturbines.
De plaatsing van nieuwe turbines wordt natuurlijk sterk beperkt door de omzendbrief van 9 februari 2024 van de Vlaamse regering die de plaatsing van nieuwe windturbines op een straal van drie kilometer rond de door Unesco erkende WO I-sites opschortte. Dat betekent dat er de facto bijna nergens in Ieper nog een windturbine kan voorzien worden. De enkele zeldzame uithoeken waar het in theorie nog kan, werden en worden dan telkens door omwonenden sterk betwist. Resultaat: sedert de eerste reeks van 9 turbines binnen de industriezone, in 2005, liet Ieper de voorbije 21 jaar geen enkele bijkomende installatie meer toe.
We vragen ons dan ook af of er binnen het bestuur nog actief wordt nagedacht over mogelijke nieuwe vestigingsplaatsen binnen onze regio. Kortom: welke is de visie van het Ieperse bestuur tegenover de toekomstige ontwikkeling van windenergie als alternatief voor energie uit fossiele brandstoffen?
En dat mag voor ons best op streekniveau gebeuren, bijvoorbeeld binnen de ruimere Westhoek, in nauwe samenspraak met naburige besturen en overheden. Toename van milieuvriendelijke, hernieuwbare energiebronnen hoeft voor ons niet noodzakelijk binnen de eigen gemeentegrenzen, maar kan ook over deze grenzen heen getild worden naar streekniveau of provincieniveau. Maar Ieper moet wel dringend een actievere rol spelen binnen haar bestuurlijke samenwerkingsverbanden om mogelijke en geschikte zones voor inplanting van windturbines te stimuleren, en dit steeds op basis van volwaardige bedrijfsparticipatie door de lokale bewoners via een coöperatieve samenwerking.
Vraag: Welke visie ontwikkelt het bestuur omtrent de herinrichting van de Meenseweg en de omgeving Sint-Jozefschool?
Begin dit jaar werd er op de Meenseweg een zone met snelheidsbeperking tot 30 km/u ingericht vanaf het grootwarenhuis De Spar tot voorbij de Sint-Jozefschool. Enkele jaren geleden kwam er een rotonde op kruispunt met de Steverlyncklaan, en in de Meerjarenplanning worden er nog meer aanpassingen van diezelfde Meenseweg aangekondigd.
Het is echter niet duidelijk welk streefbeeld en welke realisatietermijn het bestuur voorziet voor de herinrichting van de Meenseweg tussen de rotonde en de Bascule, en dit in relatie tot een veilige schoolomgeving rond de basisschool Sint-Jozef met bijna 500 leerlingen, het woonzorgcentrum Huize Jozef, het iets verderop gelegen grootwarenhuis, het Koerierpad als belangrijke aansluiting voor fietsers en voetgangers vanuit de woonwijken De Vloei, Ligywijk, Robrecht van Bethunelaan en Kerselaar, en natuurlijk het complexe kruispunt De Bascule?
Dit stuk Meenseweg van iets meer dan 600 meter lang is dus de verbindingsas voor ongeveer 2.000 buurtbewoners, vaak gezinnen met jonge kinderen, richting de binnenstad.
Vandaar onze vraag: welke zijn de concrete ideeën of uitgangspunten voor de herinrichting van de Meenseweg tussen de Bascule en de rotonde met de Steverlyncklaan, en wanneer kunnen de buurtbewoners en het bredere publiek hierover informatie krijgen en hun inspraak of ideeën weergeven?
Binnen dezelfde context, maar dan toegespitst op het verkeer van en naar de Sint-Jozefsschool, lijkt het ons aangewezen om samen met de school en sociale bouwmaatschappij Ons Onderdak in overleg te gaan omtrent de voorziening van een veiliger verkeersafwikkeling aan de achterzijde van de school. Om het toegenomen gebruik door ouders van de toegang tot de school via de Robrecht van Bethunelaanlaan veilig te houden en letterlijk in goede banen te leiden, zou een volwaardig keerpunt met Kiss & Ride-zone hier op zijn plaats zijn.
Is het bestuur bereid om, gezien de actuele bouw- en terreinwerken van Ons Onderdak op deze locatie, te onderzoeken of er hiertoe mogelijkheden zijn, en dit in functie van de veiligheid en het comfort voor iedereen, zowel de school als de bewoners.
Vraag: Toekomst Stadsschouwburg: wat met inzet Proosdijzaal en Kapittelzaal?
De bouwkundige en praktische problemen met en in onze stadsschouwburg slepen al vele jaren aan, ze staken nog eens duidelijk de kop op tijdens de organisatie van het voorbije Landjuweel.
Op de gemeenteraad van 1 september 2025 stelde collega Valentijn Despeghel hierover vragen en vernamen we dat de haalbaarheidsstudie voor een sanering van de schouwburg drie scenario’s voorop stelt, maar daarnaast stelde schepen Eva Ryde toen voor om ook de mooie heropgebouwde kloosterzalen die aansluiten op de St-Maartenskathedraal, met name de Proosdij- en de Kapittelzaal, mee in te schakelen in de zoektocht naar een gedegen en duurzame oplossing.
Deze veel te weinig gebruikte zalen kwamen ook tijdens vorige legislaturen al herhaaldelijk in het vizier voor betere ontsluiting en functionering binnen het Ieperse culturele aanbod.
We zijn een half jaar verder en vragen het bestuur dan ook graag of er intussen evoluties en vorderingen zijn in dit dossier, dat nu al vele jaren aansleept en waarvan vele Ieperse cultuurvrienden echt willen weten in welke richting er wordt gedacht om dit Ieperse zorgenkind eindelijk van een nieuwe en duurzame toekomst te verzekeren.