Groen op de raad mei 2026

05 Mei 2026

Groen op de raad mei 2026

Sluiting van Ieperse drinkwaterproductiecentra: een wake-up call voor toekomstgerichte aanpak van de Ieperse waterhuishouding. Het nieuw wachtbekken in Vlamertinge is een zinloos project. En hoe staat het Ieperse stadsbestuur tegenover de geplande wet op woonstbetredingen?

Sluiting van Ieperse drinkwaterproductiecentra: wake-up call voor toekomstgerichte aanpak van de Ieperse waterhuishouding

De beslissing van de Watergroep om binnen de komende 10 jaar de beide Ieperse drinkwaterproductiecentra te sluiten, sluimerde al een tijdje, maar is nu dus definitief en publiek bekendgemaakt. Voor vele Ieperlingen een onverwachte, zelfs abrupte wending. Maar wie de problematiek van de systematische erosie in onze landbouwgebieden en de daarmee verbonden penibele kwaliteit van ons oppervlaktewater van nabij volgt, zag de bui al een tijdje hangen. 
Vanuit de Watergroep zelf wijst men met zoveel woorden vooral naar de klimaatsverandering en langere droogteperiodes als grote oorzaak. Dat verdoezelt vanzelfsprekend de échte reden voor deze radicale beslissing, namelijk de aanhoudende vervuiling door allerlei gifstoffen, die via onze kleine en grote waterlopen in de drie Ieperse waterbekkens terechtkomen, en waarvan de Watergroep moet toegeven dat een aantal gifstoffen zeer moeilijk tot bijna niet uit het ruwe water kunnen gefilterd worden. 
Dat deze problemen zich tijdens drogere periodes veel duidelijker manifesteren, is natuurlijk zéér logisch: hoe minder water, hoe minder de verdunning van allerlei pesticiden en meststoffen in ons water. Dat dwingt de Watergroep ertoe om gemiddeld 4 tot 6 maanden per jaar geen beekwater in de vijvers toe te laten. Dat levert op zijn beurt onnatuurlijke, grote fluctuaties van de waterniveaus op, wat voor het waterbiotoop en al wat er leeft zeker geen goede zaak is.

Het einde van 800 jaar Ieperse drinkwaterwinning valt dan ook te vertalen als het faillissement van 20 jaar maatregelen om in onze regio erosie aan te pakken en een goede waterkwaliteit aan de bron, in het landschap zelf, te herstellen.

Het weze duidelijk dat de beslissing van de Watergroep geen vrijgeleide mag en kan worden om nu de teugels te vieren, en de inspanningen te verwaarlozen. Immers, onze valleigebieden blijven essentiële drinkwaterwingebieden voor het bekken van de Blankaart, dat 350.000 Westhoekers van drinkwater zal blijven voorzien.
Het moeilijke overleg over het omstreden Drinkwaterplan van de Vlaamse minister Brouns werd ook vorige dinsdag, voor de tweede keer niet afgerond. Voorlopig blijft de minister zijn fel omstreden aanpassing van de Europese norm voor residu’s van 1,2,4-triazool aanhouden, ook over het verbod op pesticiden op basis van PFAS en TFA en de verplichte onbewerkte bufferstroken langs beken, een basismaatregel waar wij al meer dan 20 jaar voor pleiten, liggen op tafel. Vanuit onze streek zijn intussen zeer duidelijke en ruim ondersteunde signalen en aanbevelingen doorgegeven, die duidelijk aantonen dat de Westhoek het recht op gezond water blijft opeisen. We rekenen hierbij absoluut op de steun van onze eigen vertegenwoordigers in het Vlaamse parlement.

Naar aanleiding van deze historische veranderingen vraag ik het stadsbestuur graag om bijzondere aandacht, gekoppeld aan echte daadkracht, voor de toekomst van het Ieperse waterbeheer en waterhuishouding. Wat zijn de consequenties van het stopzetten van de drinkwaterproductie, hoe gaan wij omspringen met onze vijvers? Zo zal er bijvoorbeeld dagelijks veel meer water naar en doorheen Ieper vloeien, richting kanaal en IJzer, namelijk tussen 5.000 en 6.000 m³ via de Ieperlee, en tot 4.000 m³ via de Dikkebusvijverbeek en de vestinggrachten. Dit was tot nog toe niet voorzien.

Er zullen goede en vooral wijze afspraken moeten gemaakt worden over een totaal nieuwe waterhuishouding, met nieuwe evenwichten tussen instromend en uitstromend water naar en vanuit de 3 stadsvijvers. Wellicht zal de natuurlijke voeding van Zillebekevijver via de Vijverbeek, zoals het was tot 1995, voor de inrichting van de Verdronken Weide, best hersteld worden. Maar hoe zal het vijverwater overlopen richting Ieperlee? En hoe zal men omspringen met de aanslibbing van vooral Dikkebusvijver en intussen ook de Verdronken Weide. De noodzaak om te baggeren, met gedeelde kosten tussen stad en provincie, zal niet meer vanzelfsprekend zijn.

Een ander probleem: hoe zal men omgaan met voorstellen van derden of van projectontwikkelaars om onze vijvers nieuwe functies te geven? In de periode dat het Vijverhuis van Dikkebusvijver verkocht werd, stond er een private ontwikkelaar klaar met een stevig voorbereid dossier om van de vijver een soort waterpretpark met spectaculaire licht- en muziekshows te maken. Gelukkig kon dit toen, dankzij de maatschappelijke functie van drinkwaterbekken, verhinderd worden. Maar nu verandert alles … Ongetwijfeld komen er ook vanuit de landbouw vragen om vijverwater op te pompen, wat tot nog toe ondenkbaar was. Als de rust op en om de Verdronken Weide in de toekomst verstoord zou worden door andere activiteiten dan enkel de huidige wandelrecreatie, dan mag men de uitzonderlijke natuurwaarden met meer dan 160 verschillende vogelsoorten zo dicht van het stadscentrum, helemaal vergeten.

Er zijn nog veel meer vragen, bedenkingen, aanpassingen die op een degelijke wijze moeten onderzocht en voorbereid worden naar aanleiding van deze ingrijpende beslissing. Bijvoorbeeld alleen al de toekomst en het beheer van de site met het huidige drinkwaterproductiecentrum én het als erfgoed beschermde historische Waterstation, dat officieel ook eigendom is van de Watergroep.

Om de complexe gevolgen van deze voor Ieper ongekende, nieuwe situatie op de best mogelijke wijze voor te bereiden en aan te pakken, stellen wij dan ook voor om, analoog met bijvoorbeeld de verkeerscommissie of de cultuurraad, een ‘Ieperse watercommissie’ in het leven te roepen, waarbij betrokken schepenen, ambtenaren, overheidsdiensten, enkele experten terzake, en vertegenwoordigers uit de fracties binnen de gemeenteraad, op regelmatige basis overleggen hoe wij vanuit Ieper deze nieuwe situatie op de beste en meest verantwoorde wijze toekomstgericht en duurzaam kunnen aanpakken.

Er wordt hiermee best niet lang gewacht: de nodige maatregelen zullen ook een prijskaartje hebben en daar is er voorlopig, logischerwijs, geen enkele euro voor voorzien.

 

Nieuw wachtbekken in Vlamertinge: zinloos project

Het spijt mij om het zo hard te moeten stellen, maar het nieuwe wachtbekken dat de provincie in Vlamertinge zal aanleggen tussen de Bellestraat en de Grote Kemmelbeek heeft, zoals het nu voorligt, weinig tot geen zin. Een wachtbekken van amper 0.6 ha oppervlakte die extra buffering van 2.900 m³ zou opleveren is die naam niet waard. Het gaat hier feitelijk om een verbreding van de beek zelf met gemiddeld 25 meter over ongeveer 220 m lengte. Op zich is dat een goede zaak voor de kwaliteit van het beekwater, maar in vergelijking met echte wachtbekkens is dat peanuts. Ter vergelijking: in de Verdronken Weide kan tot 350.000 m³ opgevangen worden (nota bene: ook met een gevuld spaarbekken), in het gecontroleerde droge wachtbekken van Voormezele kan er meer dan 50.000 m³ terecht.

Officieel stelt de provincie dat het bestaande overstroombare weiland langsheen de Kemmelbeek wordt afgegraven en geoptimaliseerd om bij piekdebieten het wateroverlastrisico voor het centrum van Vlamertinge mee te beperken. Ik geef u op een blaadje: bij intensieve neerslag in de regio wordt dergelijk klein volume op korte tijd volledig opgevuld, en zullen eventuele overstromingen amper een tot anderhalf uur worden uitgesteld. Van extra bescherming is hier geen sprake. Iedereen met kennis van zaken omtrent waterhuishouding en de inrichting van bufferbekkens weet dat er minstens 5 ha oppervlakte met 1 meter diepte nodig is om megabuien in de toekomst op te vangen.

Dit project zou wel zinvol kunnen worden wanneer ook het laaggelegen grasland aan de overzijde van de beek, naar de spoorweg toe, mee in het project wordt opgenomen. Daar is extra capaciteit beschikbaar van grootteorde 6 tot 6,5 ha, of tussen 50 en 60.000 m³, mits de nodige inrichtingswerken. Dan pas mag je van een echt wachtbekken spreken.

Bovendien roep ik hier graag op om binnen Ieper dringend werk te maken van meerdere (al dan niet droge) wachtbekkens en gebieden waar de sponsfunctie kan verbeterd of hersteld worden. Dat laatste is bijvoorbeeld mogelijk door het enorm intensieve afwateringssysteem met honderden grachtjes in onze Gasthuisbossen op geschikte plaatsen te dempen, waardoor de bosbodems meer water kunnen vasthouden en de voeding van de beken veel meer gespreid kan gebeuren.

De middeleeuwse Ieperlingen wisten wel beter, in de loop van de 13de tot begin 14de eeuw werden er meerdere, wellicht een zevental, wacht- en spaarbekkens van grootteorde 5 tot 25 ha aangelegd op de voedingsbeken van de Ieperlee, waardoor de jonge groeistad in de vallei van de Ieperlee gevrijwaard bleef van overstromingen.

Kijken naar het verleden kan soms erg leerrijk zijn!

 

Hoe staat het Ieperse stadsbestuur tegenover de geplande wet op woonstbetredingen?

Onlangs gaf de federale ministerraad groen licht aan een wetsontwerp, ingediend door minister van Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt en minister van Justitie Annelies Verlinden, dat de politie in staat stelt om zonder gerechtelijk huiszoekingsbevel naar aanleiding van een misdaadsonderzoek, een woning te betreden om iemand bestuurlijk aan te houden.
Door deze toelating, gegeven binnen een zogenaamd “rechtskader” om woningen te betreden, wil men op zoek gaan naar mensen zonder wettige verblijfsvergunning, en deze oppakken. Er moet nog advies geformuleerd door de Raad van State en het voorstel moet nog door het parlement goedgekeurd worden.

Op vandaag kan de overheid een woning betreden wanneer er sprake is van een misdrijf, en onder strikte voorwaarden. Door deze voorgestelde aanpak wordt een instrument dat thuishoort in het strafrecht, nu plots verschoven naar het migratierecht. Het gaat immers niet om een misdrijf, maar om een administratieve situatie. 
Dat is geen detail, maar een fundamentele verschuiving.
We laten mensen uit een woning, een thuis, ophalen, niet omdat ze een misdrijf pleegden, maar omdat ze (nog) niet in het juiste juridische statuut zitten.
Dat raakt bovendien aan de kern van de ‘onschendbaarheid van de woning’. Een fundamenteel basisrecht van elke burger wordt hierdoor op de helling gezet. En wanneer je die grens verlegt voor één groep, verleg je ze voor iedereen.

Steden zoals Verviers en Brussel hebben zich hier al tegen uitgesproken via een motie. Ook in andere steden en gemeenten zijn er reacties in voorbereiding.
Immers, lokale besturen hoeven niet aan de zijlijn te blijven staan wanneer het om de fundamentele rechten van haar bewoners gaat.

Vandaar onze vraag: welk standpunt neemt het stadsbestuur in, in verband met dit wetsvoorstel? Overweegt de stad al dan niet om zich duidelijk uit te spreken en een motie in te dienen om zich hier principieel tegen te verzetten, in navolging van andere steden die zich hiertegen verzetten.