Groen op de raad december 2025
03 December 2025
Deze maand kwamen het meerjarenplan en de retributieregelementen op de gemeenteraad. Hierbij onze belangrijkte opmerkingen;
- Het ontbreken van actie rond de Meenseweg tussen rondpunt Steverlyncklaan en Bascule
- Het ontbreken van een duurzame toekomst voor het erfgoed
- Het ontbreken van Ieper Vredesstad
- Het ontbreken van belangrijke stappen voor de waterkwaliteit
- Het schrappen van de toelage van 5000 euro voor aankoop van natuurgebied door natuurverenigingen.
Insteken Meerjarenplan stedelijk beleid 2026/2031
Positief is zeker dat het nieuwe bestuur bereid is om te luisteren naar adviezen en voorstellen vanuit de erkende adviesraden, iets wat wij vanuit GROEN ook nadrukkelijk vooropstelden vanaf de eerste gemeenteraadszitting.
Binnen deze context vragen we uw bijzondere aandacht voor het werkdocument dat de Ieperse Adviesraad voor Toegankelijkheid zeer recent heeft opgemaakt en u overhandigde op 22 november laatstleden.
GROEN Ieper schaart zich volledig achter de vragen, adviezen en voorstellen uit dit advies. Waar mogelijk en passend, zullen we deze adviezen te gelegener tijd, naargelang de dossiers, binnen deze gemeenteraad aan bod brengen.
Vanuit deze samenspraak met adviesraden, betrokken groepen en boven de partijpolitiek heen, kijken we kritisch maar opbouwend, vooral uit naar de concrete maatregelen van het vernieuwde verkeersplan voor de binnenstad. Hier ligt dé kans voor dit bestuur om het verschil te maken t.o.v. de afwachtende aanpak van de vorige legislaturen. Ook in het reeds meer dan 40 jaar aanslepende dossier van de N8-doortocht door deelgemeenten Brielen en Elverdinge, rekenen we op een even kordate als moedige sturing van de maatregelen, gebaseerd op het inspraakmodel, om de leefbaarheid voor deze dorpen eindelijk op te lossen.
We stellen vast dat de financiële schuld in deze legislatuur zal stijgen met 10%, van 36 naar 40 miljoen euro. Voor deze schuld moet logischerwijs rente betaald worden, wat betekent dat de jaarlijkse rentelasten zullen toenemen.
Het is belangrijk dat de autofinancieringsmarge, het verschil tussen inkomsten en uitgaven, inclusief de betaalde rente, elk jaar positief blijft zodat onze stad voldoende middelen heeft om aan haar financiële verplichtingen te voldoen en toekomstige investeringen mogelijk te maken. Er zullen dus keuzes moeten gemaakt worden om deze marge veilig te stellen!
Wat ontbreekt er in dit Meerjarenplan?
We lezen heel wat ambitieuze doelstellingen met nogal wat thema’s die wij als GROEN Ieper delen. Toch missen we een aantal essentiële zaken die maatschappelijk van algemeen en groot belang zijn, en die wij in dit voorbije jaar herhaaldelijk hebben aangehaald.
Na onze tussenkomsten in het voorjaar over de drinkwaterproblematiek, veroorzaakt door de ondermaatse kwaliteit van het oppervlaktewater dat vanwege inspoelend erosiemateriaal systematisch vervuild wordt door pesticiden en meststoffen, kregen we heel wat bezorgde reacties van mensen die zich niet bewust waren van deze problematiek.
Hier moet zeker méér dan één tandje bijgestoken worden. We juichen de initiatieven toe om de kleinschalige zuivering van huiselijk afvalwater verder uit te rollen, maar we blijven op onze honger wat betreft de concrete aanpak van de kwaliteit van het oppervlaktewater dat via de waterlopen onze drinkwaterbekkens bevoorraadt. Trouwens, ook dit jaar was er opnieuw een langdurig stopzetten van de waterinname door de Watergroep.
Ook de aanvoer van erosiemateriaal, met de aanslibbing van Dikkebusvijver als gevolg, gaat onverminderd verder. Een nieuwe uitbaggering kondigt zich aan, mogelijks nog voor het einde van deze legislatuur. En dan steekt meteen het nijpende probleem van de slibberging de kop op. Hoe en met welke middelen zal de stad dat oplossen? Inclusief de wellicht noodzakelijke inrichting van een nieuw slibbekken, spreken hier van een kostprijs die rond één miljoen euro belastinggeld zal opeisen.
Intussen zien we nog steeds geen definitieve, duurzame en resultaatgerichte aanpak van deze maatschappelijk toch wel essentiële problematiek. Vanuit Ieper moeten we de systematische erosieproblemen veel actiever aanpakken en de in deze materie bevoegde instanties en agentschappen aanzetten om concreet te werken aan structurele oplossingen. We weten zeer goed hoe de erosie met uitspoeling van pesticiden en meststoffen, actief en duurzaam kan gebufferd worden. Die oplossingen zijn intussen ook wetenschappelijk bewezen. En toch blijven besturen en agentschappen, op elk niveau, aarzelend toekijken en proberen met kleinschalige, tijdelijke en vrijblijvende proefprojecten de schijn te redden.
Als het bestuur de Ieperse droom om ’s zomers te kunnen genieten van een frisse duik in onze open watergebieden werkelijk au sérieux neemt, dan zal eerst deze problematiek, die bijvoorbeeld ook de ontwikkeling van giftige blauwalgen veroorzaakt en stimuleert, daadwerkelijk moeten aangepakt en opgelost worden.
We missen duidelijke en concrete maatregelen omtrent de transitie naar groene, hernieuwbare energie en de adaptatie naar een meer klimaatrobuuste stad en deelgemeenten. De voorziene 40.000 euro onder AC115 staat enkel voor het studiebureau dat het beheerplan voor de vestingen ontwerpt. Is er dan ook voldoende budget voorzien voor ontharding en aanplanting van nieuwe toekomstbomen en ander groen in de binnenstad en dorpscentrums?
Ieper verdient veel meer effectieve en actieve ondersteuning om alle mogelijke technieken omtrent groene, hernieuwbare energie te stimuleren, zowel binnen openbare, publieke instellingen en gebouwen, de bedrijven als de private woningen.
Het bestuur dient dan ook dringend haar visie op de kansen voor toename van windenergie te herzien. Dat kan ook via samenwerking op streek- of regionaal (Westhoek-)niveau. Het afwachtende, passieve beleid van de voorbije jaren dient dringend ingeruild voor moedige, positieve en faciliterende ondersteuning. Zoniet, kan Ieper de voorop gestelde doelstellingen van het ‘Burgemeesterconvenant’ absoluut vergeten, en dit ook met zoveel woorden erkennen.
De inspanningen voor ontharding en vergroening van de binnenstad en de dorpscentra verdienen een duidelijker definiëring en budgettering in dit Meerjarenplan. We ondersteunen de planvorming hieromtrent in het kader van de vernieuwde verkeersvisie op de Grote Markt, maar missen een systematische aanpak met consequent onderzoek naar plaatsen waar aanplantingen van toekomstbomen, gecombineerd met ontharding van de groeiplaatsen, mogelijk zijn en voorzien worden. In vele andere, ook minder grote steden en gemeenten is deze oefening in het kader van de klimaatopwarming volop in uitvoering! Ook hier dient een verantwoorde budgettering de visie en de plannen hieromtrent te ondersteunen.
Wat we volledig missen is een concrete aanzet tot de nochtans noodzakelijke en zowel nationaal als internationaal fel bepleitte inrichting van ruime gecontroleerde overstromingsgebieden (GOG’s) en sponsgebieden. Deze dienen, verspreid over het gehele grondgebied, liefst in de boven- en middenlopen van onze beekvalleien te functioneren als tijdelijke bergplaats van grote hoeveelheden hemelwater, met gecontroleerde afvoer, en als permanent natte zones die de dramatisch gezakte grondwatertafels systematisch voeden. We hebben het hier dus niet over kleinere waterreservoirs van 1 tot 2 ha, vooral bedoeld om de landbouw in drogere periodes van water te voorzien. Het gaat over gebieden van minstens 5 tot 10 ha, waar abnormale waterdebieten, die in de toekomst tot het nieuwe normaal zullen behoren, kunnen opgevangen worden.
De gemiste kansen om Ieper in de voorbije jaren sterker als historische Vlaamse cultuurstad te profileren, dwingen ons nu om een flink tandje bij te steken in de zorg voor ons historisch en cultureel patrimonium. We blijven luidop pleiten voor een herwaardering van het Ieperse patrimonium buiten de musea. Eind juni deden wij in deze gemeenteraad een oproep om deze historische sites en ruimtes, de authentieke plekjes die de aantrekkingskracht en authenticiteit van onze historische binnenstad uitmaken, beter te beheren en zowel inhoudelijk als fysisch beter te ontsluiten. Een historische binnenstad die haar inwoners en bezoekers weet te verwonderen met haar authentieke historische ruimtes en sites, kan de commerciële belangen enkel ten goede komen. Veel beter dan preventief op te treden tegen ‘verdachte’ winkeliers en barbiers.
We zijn dan ook ontgoocheld dat hiervoor binnen de werking van Yper Museum geen acties of budgetten werden voorzien. Hoe zal men de belofte waarmaken om een breed publiek op een boeiende, stijlvolle en beeldende wijze virtueel mee te nemen naar de onder beton begraven grafelijke burcht en verdwenen kademuur en havenkraan van de middeleeuwse Scipleet?
Het In Flanders Fields Museum toonde tijdens de voorbije 25 jaar aan hoe het implementeren van haar werking naar het buitengebied, door de inrichting en duiding van de getuigenlandschappen in de Ieperboog, een enorme meerwaarde voor haar werking én dus het aantal bezoekers betekende. We missen dergelijke visie en aanpak ten gronde binnen de werking van Yper Museum, met bovendien de verwaarlozing van deze historische sites als gevolg.
Binnen deze context betreuren we ook dat er in het meerjarenplan geen duidelijker signaal gegeven wordt, via een budgettaire planning of spreiding, voor de herkansing van de Leet als groene én historische kernsite, waar mits toepassing van de ‘verdampende parkeerplaatsen’, ontmoeting en beleving van onze internationaal vermaarde pronkmonumenten centraal staan. We begrepen dat er hiertoe politieke bereidheid bestaat, maar zagen dit ook graag vertaald in concrete cijfers en planning.
Binnen het recente politieke beleid in ons land krijgen steden en gemeenten een steeds grotere rol en verantwoordelijkheid toebedeeld voor het sociale welzijn van haar burgers, op elk niveau. Dit vertaalt zich in Ieper in de dringende nood aan een ruim, multifunctioneel en breed toegankelijk Sociaal Huis, centraal gelegen in de binnenstad. Een opdracht waar deze legislatuur ernstig en concreet werk moet van maken. We rekenen er dan ook op dat de voorlopige suggestie om hiertoe de Sint-Pieterskerk te herbestemmen geen voorbijgaande cinema wordt, maar met overtuiging verder wordt overlegd en zoveel als mogelijk voorbereid in functie van spoedige realisatie.
We steunen vanzelfsprekend het voornemen om in Voormezele nieuwe ontmoetingsruimte en jeugdlokalen te voorzien. We rekenen er op dat dit project wordt aangepakt in nauwe en ruime samenspraak, met echte inspraak vanuit de bevolking en toekomstige gebruikers. We stellen ons vragen bij het voorziene budget van 190.000: te weinig voor een bouwprogramma, te veel voor een voorbereidend traject.
GROEN Ieper stelt voor om in Voormezele, en in andere deelgemeenten waar lokale handel en herbergen verdwijnen, de formule van de dorpspunten ernstig te onderzoeken. In onze naburige gemeenten werd deze aanpak een succes. In een dorpspunt ontmoeten jong en oud elkaar, worden laagdrempelige activiteiten georganiseerd, vindt men een buurtwinkel met lokale producten en biedt men minder mobiele of oudere dorpsbewoners ondersteuning en kleine praktische dienstverlening aan. De situatie in Voormezele lijkt ons geschikt om een dergelijk breed geïntegreerd concept te onderzoeken en toe te passen.
Wat de toekomst van de ‘Strategische Spie’ betreft zien we 33.500 euro begroot in 2026, daarna niets meer. Dat bedrag lijkt bedoeld voor het finaliseren van het masterplan, dus: nog maar eens centen voor ontwerp- en studiebureaus, alhoewel de ontwerpfase, inclusief informatierondes, intussen toch wel afgewerkt lijkt. Wordt er intussen nog aan concrete deelprojecten gewerkt, zoals de tunnel onder de spoorweg, de verbindingen met het stadscentrum, de bodemanalyses op de gewezen spoorterreinen? Of betekent deze budgettering dat de feitelijke werken worden doorgeschoven naar de volgende legislatuur?
We beseffen natuurlijk ook wel dat de federale beslissingen (of het ontbreken daarvan) over de toekomst van het militair domein een cruciale rol spelen in dit project. We verwachten iets meer actie vanuit de stad om hier op redelijke termijn klaarheid over te krijgen.
Trouwens, wat de budgetten voorzien voor ontwerp- en studiebureaus betreft: we hebben komen tot een flink totaal bedrag van 668.500 euro:
079 Strategische Spie 33.500 € (2026)
096 Reconversie Oostkaai 80.000 € (2026)
098 De Vloei 50.000 € (2027)
108 Sociaal Huis 250.000 € (2026)
115 Slim groenbeheer 40.000 € (2026)
121 IFFM 130.000 €
126 Oud zwembad 25.000 € (2026)
131 Stationsomgeving 50.000 € (2026)
Totaal : 668.500 €
Dat zijn zeer stevige investeringen, we zullen er dan ook op toezien dat deze ook effectief naar de concrete werking en uitvoering vertaald worden en niet horizontaal geklasseerd raken, zoals in het verleden wel meer het geval was (bv.: de verworpen studies voor de nieuwe dorpsRUP’s Vlamertinge-Boezinge-Elverdinge, ontwerpstudie Openluchtzwembad 2017-19, diverse strategische toeristische studies omtrent ‘citymarketing’, enz. …).
Vanwege de onduidelijkheid omtrent de geplande (of is het verhoopte?) scholencampus ontstaan er logischerwijs heel wat vragen omtrent de nodige inspanningen die de stad moet voorzien i.v.m. de noodzakelijke mobiliteitsaanpassingen, als het project doorgaat. Wij steunen de ingrepen die ook los van de scholencampus een belangrijke impact zullen hebben, zoals de fietsoversteek op de Veurnseweg en de fietstunnel onder de Noorderring. Wanneer en met welk budget deze werken voorzien zijn, blijft echter onduidelijk.
Binnen deze context missen we wel volledig een visievorming omtrent de toekomst van de belangrijke centraal gelegen stedelijk ruimtes die, bij een eventuele verhuis van de hogere secundaire graden, zullen vrij komen. Hier liggen er immers prachtige initiatieven voor een nieuwe en aantrekkelijke ontwikkeling in het hart van de stad.
Een bijzonder aandachtspunt binnen de vernieuwde verkeersplannen voor de binnenstad is de inrichting van veilige schoolomgevingen, zowel in de stad als in de deelgemeenten. De daartoe intussen geleverde inspanningen vormen een aanzet, maar wij verwachten hier een meer gedurfde, duidelijke keuze voor veilige en aantrekkelijke schoolstraten, zoals we in onze interpellatie van november hebben omschreven en bepleit.
Hiervoor vinden we helaas geen concrete initiatieven binnen dit MJP.
Binnen deze context vragen we bijzondere aandacht voor het deel van de Meenseweg dat onder de bevoegdheid van de stad valt. Op het traject vanaf de rotonde met de Steverlyncklaan tot de Bascule bevinden zich de Sint-Jozefschool, een drukbezocht grootwarenhuis, fietsverbindingen en oversteken vanuit woonwijken als De Vloei en Hoveland, en heel wat recente appartementen langs de Meenseweg zelf. De woondichtheid en de verkeersbewegingen zijn er serieus toegenomen. De verkeersveiligheid, zeker voor de lokale basisschool, vereist dan ook aanpassingen.
We vernemen dat de werkzaamheden in 2028 zouden starten vanaf de rotonde met de Zuiderring, en dit omwille van versleten en onaangepaste rioleringen. Zolang kunnen de aanpassingen op het omschreven deel echter niet wachten. We vragen dan ook om de fietspaden op dit deel van de Meenseweg aan de nieuwe normen aan te passen en te voorzien van veiliger en duidelijker oversteekpunten en fietspaden, bijvoorbeeld met verhoogde tussenbermen. Een suggestie: door het fietspad en de parkeerstroken te wisselen, hoeven fietsers niet meer dicht tegen de autoweg te rijden. Het stuk Meenseweg dat prioritair wordt aangepakt, is ook breed genoeg om er stroken te ontharden en een aantal bomen aan te planten, waardoor een vertragend effect op het autoverkeer ontstaat.
We vragen dus om ook in 2026 budget te voorzien om de Meenseweg trager én veiliger in te richten voor de vele, en vooral jonge gebruikers en omwonenden.
Sluikstorten blijft een hardnekkig probleem. Uit diverse studies blijkt dat sluikstorten vaak het gevolg is van bewust asociaal gedrag, veroorzaakt door verwaarlozing, normvervaging, of een mank verlopen opvoeding. Daarnaast zien we ook een verband met het duurder worden van het containerpark, het verplichte afspraak maken online en de beperkte maar dure ophaling van grof huisvuil. Daarbij worden grote huishoudelijke elektrotoestellen als frigo’s en fornuizen spijtig genoeg helemaal niet opgehaald. Logisch dat heel wat mensen zonder (grote) auto hier problemen ervaren.
Als oplossing stellen wij voor om het concept van het mobiel containerpark opnieuw onder de aandacht te brengen. Door het containerpark regelmatig naar de wijken te brengen, verlagen we de drempel voor inwoners om hun grotere afval op een correcte manier in te leveren en pakken we zo het sluikstorten gerichter aan.
Tenslotte missen wij in dit Meerjarenplan een sterkere profilering van Ieper als Vredesstad, met binnen de stad een concrete fysieke artistieke installatie dat onze roeping van Vredesstad symboliseert en waarrond publieke actie en vredeseducatie kan georganiseerd worden. Concreet stellen we voor om het stilletjes uitgedoofde project voor een vredesmonument in de binnenstad, eind 2021, een eerlijke herkansing te gunnen. Voor alle duidelijkheid: we hebben het hier niet over een beeld zoals ‘The Hauntings’, dat veeleer uitdrukking geeft aan de militaire heimwee die ook reenactors motiveert, maar over een volwaardige uitbeelding van onze opdracht “Ieper Vredesstad”: een kunstwerk dat op een uitgezochte publieke plaats de ‘roeping’ van Ieper als Vredesstad verbeeldt op een actuele én toekomstgerichte, mogelijks ook interactieve wijze.
Geachte burgemeester en schepenen, we willen met deze werknota inzetten op een haalbare, betere toekomst voor onze stad, met concrete accenten die de zwakkeren uit onze samenleving moeten ondersteunen, een veilig, aangenaam én duurzaam leefklimaat voor iedereen moet garanderen en de culturele (en dus ook toeristische) eigenheid en aantrekkingskracht van onze stad moet versterken.
We rekenen op een consequent doortrekken van het inspraak- en participatiemodel om dit voor alle Ieperlingen te realiseren.
Lieven Stubbe, fractieleider GROEN Ieper,
1 december 2025